Help, stiefmoeder gaat er met de erfenis vandoor!

Foutmelding

Warning: Invalid argument supplied for foreach() in mailchimp_lists_auth_newsletter_form() (regel 399 van /var/www/vhosts/huveradvocaten.nl/httpdocs/sites/all/modules/mailchimp/modules/mailchimp_lists/mailchimp_lists.module).
06 juni 2018

De wet geeft een stiefmoeder (of een stiefvader uiteraard) een sterke erfrechtelijke positie ten opzichte van de kinderen van een erflater. Als er bij testament niet iets anders bepaald is, krijgt stiefmoeder bij overlijden van vader namelijk, op grond van de wettelijke verdeling, als langstlevende echtgenote van rechtswege alle goederen van de nalatenschap. De kinderen zullen dan genoegen moeten nemen met een geldvordering op hun stiefmoeder, die pas opeisbaar is als ook stiefmoeder komt te overlijden.

Zeker als stiefmoeder ongeveer dezelfde leeftijd heeft als de kinderen van erflater, is dat voor die kinderen soms moeilijk te verkroppen: het is dan maar de vraag of ze de opeisbaarheid van hun vordering überhaupt nog mee zullen maken. Bovendien bestaat het risico dat de nalatenschap van stiefmoeder bij haar overlijden geen verhaal zal bieden, omdat stiefmoeder de erfenis van vader opgesoupeerd heeft en ook ingeteerd heeft op haar overige eigen vermogen, zodat er uiteindelijk – als haar erfgenamen beneficiair aanvaard hebben – niets te incasseren valt. Daar komt nog bij dat de kinderen in beginsel niet de erfgenamen van stiefmoeder zullen zijn, zodat bij haar overlijden het ‘familievermogen’ of wat er nog van over is terecht zal komen bij de familie van de stiefouder. Moeten de kinderen dit allemaal met lede ogen aanzien?

Nee, dat hoeft soms niet. De wet kent de kinderen namelijk in vier situaties wilsrechten toe waarmee – voor zover deze niet bij testament zijn uitgesloten – dit dreigende ‘stiefmoedergevaar’ tot op zekere hoogte te beteugelen is. Op grond van die wilsrechten kan een kind verlangen dat stiefmoeder goederen van de nalatenschap van vader ter waarde van ten hoogste zijn vordering aan hem overdraagt. Op die manier kan het kind afdwingen dat het toch, en nog tijdens het leven van stiefmoeder, de eigendom van goederen verkrijgt van de nalatenschap van zijn vader, in plaats van (een deel van) zijn niet-opeisbare geldvordering op zijn stiefmoeder. De waarde van het overgedragen goed – vast te stellen naar het tijdstip van de overdracht – strekt dan in mindering op de geldvordering van het kind.

Het inroepen van een dergelijk wilsrecht kan in de volgende vier gevallen van dreigend stiefoudergevaar:

  1. een kind heeft door de wettelijke verdeling van de nalatenschap van zijn vader een geldvordering op zijn moeder, en die moeder heeft aangifte gedaan van haar voornemen om opnieuw in het huwelijk te treden:
    het kind kan dan van zijn moeder verlangen dat zij goederen die deel uitmaakten van de nalatenschap van vader overdraagt met een waarde van ten hoogste die geldvordering, waarbij moeder het vruchtgebruik van die goederen mag behouden;
  2. een kind heeft door de wettelijke verdeling van de nalatenschap van zijn vader een geldvordering op zijn hertrouwde moeder, en die moeder komt te overlijden:
    het kind kan dan (indien sprake is van de wettelijke verdeling) van de weduwnaar van zijn moeder, en anders van de erfgenamen van zijn moeder, verlangen dat goederen die deel uitmaakten van de nalatenschap van vader in volle eigendom worden overgedragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering;

  3. een kind heeft door de wettelijke verdeling van de nalatenschap van zijn vader een geldvordering op zijn stiefmoeder verkregen:
    het kind kan dan van stiefmoeder verlangen dat zij goederen die deel uitmaakten van de nalatenschap van vader overdraagt met een waarde van ten hoogste die geldvordering, waarbij stiefmoeder het vruchtgebruik van die goederen mag behouden;

  4. een kind heeft door de wettelijke verdeling van de nalatenschap van zijn vader een geldvordering op zijn stiefmoeder verkregen, en stiefmoeder komt te overlijden:
    het kind kan dan van de erfgenamen van stiefmoeder verlangen dat goederen die deel uitmaakten van de nalatenschap van vader in volle eigendom worden overgedragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering.

Als sprake is van overdracht van goederen onder voorbehoud van vruchtgebruik, kan de kantonrechter de (stief)ouder een machtiging verlenen om de goederen waarvan de stiefouder het vruchtgebruik heeft te vervreemden, voor zover dat nodig is voor diens verzorgingsbehoefte of de voldoening aan verplichting om de schulden van de nalatenschap te betalen. Als de goederen op die manier met machtiging van de kantonrechter vervreemd worden, verkrijgt het kind weer een geldvordering op zijn (stief)ouder, ter grootte van de waarde van het goed ten tijde van de overdracht.

Kinderen die na overlijden van een ouder geconfronteerd worden met een (aanstaande) stiefouder die er vandoor dreigt te gaan met het familievermogen, kunnen daar in bepaalde gevallen dus wel degelijk iets tegen doen, door het inroepen van een wilsrecht.

Koen Boddaert
6 juni 2018

help stiefmoeder gaat er met de erfenis vandoor
Meer artikelen over de volgende rechtsgebieden: